Monthly Archives: January 2016

Is alle ijzer wel benutbaar ?

Om goed te functioneren heeft ons lichaam ijzer nodig. De noodzakelijke hoeveelheden zijn miniem, maar een tekort kan wél ernstige problemen veroorzaken.

De verliezen worden normaal aangevuld door een constante aanvoer van ijzer uit de voeding. Een onevenwicht kan optreden wanneer de behoefte toeneemt (vb spieraanmaak, bloedverlies, …) en de aanvoer niet evenredig is.

Voorkomen
Ijzer komt in onze voeding in twee vormen voor : als haemijzer, d.w.z. gebonden aan een specifiek eiwit, en in een vrije vorm als tweewaardig en driewaardig ijzer.

Het haemijzer dat vooral in vlees voorkomt, heeft als voordeel dat het een vrij constante opname van ijzer geeft en weinig of niet beïnvloed wordt door de samenstelling van de voeding.

Het vrije ijzer (of non-heamijzer) is de meest voorkomende vorm van ijzer in onze voeding. Het is in grote hoeveelheden aanwezig in granen en groenten, maar wordt zeer slecht door het lichaam opgenomen.

Driewaardig ijzer zal gemakkelijk verbindingen aangaan met andere elementen uit de voeding en neerslaan in de darm, of verbindingen vormen waardoor het ijzer niet kan opgenomen worden. Ook sommige medicatie, zoals zuurremmers, werken de ijzeropname tegen.

Elke omzetting van de drie- naar de tweewaardige vorm betekent dus een betere opname van het ijzer. Er zijn ook factoren die de ijzeropname bevorderen

Het heeft weinig zin om voedingsmiddelen te kiezen volgens ijzergehalte : de ijzeropname wordt immers sterk door andere factoren beïnvloed.

Het beste voorbeeld is spinazie, dat veel ijzer bevat, maar in werkelijkheid een vrij slechte leverancier is vanwege het hoge gehalte aan oxalaten.

Om de slechte ijzeropname uit o.a. vezelrijke ontbijtgranen te compenseren, wordt aan deze producten vaak extra ijzer toegevoegd.

Een optimale ijzerabsorptie krijgt men als de voeding een verhouding heeft van haem/nonhaemijzer van 1/3.

Biobeschikbaarheid
Ijzer komt niet altijd ten goede komt aan het lichaam. Tijdens de vertering in het maag-gesneden volkorenbrooddarmkanaal treden onderlinge interacties op. Een term die in deze context wordt gebruikt is de biologische beschikbaarheid. Dit is het percentage dat kan benut worden. Interacties tijdens de vertering hebben het meeste impact op de biobeschikbaarheid.

Absorptie stimulerende factoren
De ijzerstatus van het lichaam bepaalt de mate van absorptie. Van ijzer is bekend dat de  absorptie verhoogd bij bloedarmoede. Tevens zijn er ook factoren die de absorptie verbeteren (zie tabel).

Absorptie remmende factoren
In de voeding zijn er ook elementen aanwezig die onoplosbare complexen kunnen vormen met ijzer.

Ook onderlinge interacties zijn een probleem. Een hoge inname van een bepaald element kan de absorptie van andere elementen verminderen zoals zink-ijzer- en calcium-ijzerinteracties. Bij gebruik van voedingssupplementen kunnen deze interacties van grote betekenis zijn.

Het is nodig hierbij enkele kanttekeningen te maken. We eten geen geïsoleerde voedingscomponenten, maar voedingsmiddelen waarin deze componenten mogelijks aanwezig zijn.

 

ijzerabsorptie

linzen

 

De ijzerinname wordt best gekoppeld aan de energie-inname. Ideaal voor het dekken van de ijzerbehoefte zijn voedingsmiddelen die 1 mg ijzer/100 kcal aanbrengen.

 

Jij wil weten of jouw voeding voldoende ijzer bevat ?
Vraag dan nu een gratis voedingscheck aan.